madelon, spiegel, oogappel, licht, zon

Waarom jij Gods oogappel bent en wat dat écht betekent

Na haar vakantie staat Wietske weer in haar eigen badkamer voor de spiegel. Ondanks haar bruine kleurtje toont de spiegel geen volledig frisse blik. Een flinke verkoudheid en slaaprovend hoesten maken haar ogen klein en dof. Toch weet ze: wat mijn oog ziet, is niet wie ik ben. Laat je net als Wietske verrassen: wat zegt jouw oog je over hoe God jou ziet?

oma, vrede, geel, bloem

Zo vond Wietske vrede die alle verstand te boven gaat

“Ik wou dat ik het nooit had gezien…” Een frons op haar voorhoofd, dichtgeknepen ogen en een haperende stem. De onvrede straalt van haar anders zo lieve, vrolijke gezicht. Veilig in haar bed is Wietskes zieke, oude beppe (oma) terug in de Tweede Wereldoorlog, die ze als jonge vrouw meemaakte. Haar onvrede is ook Wietskes onvrede geworden, zij het op een andere manier. Het spoort Wietske aan om op zoek te gaan naar ‘de vrede die alle verstand te boven gaat’.

balans, lume, licht

Zo ben je licht én in balans! (met werkblad)

Op een dieptepunt in haar leven leert Wietske hoe ze kan bouwen op God als Rots in haar leven. Het liefst zou ze vervolgens altijd stevig en stralend in het leven willen staan. Toch zijn er momenten waarop dat minder lukt. Dan vraagt ze zich af: Hoe blijf ik bij de vaste Rots? Met hulp van het Sjema – het centrale gebed van de Joden - gaat Wietske op zoek. Hoe kan ze in dit golvende leven balanceren en bouwen op rotsvaste Grond? Ze ontdekt een praktische opdracht die daar hulp bij biedt.

thuis, buitenbeentjes

Zo voel jij je als buitenbeentje tóch overal thuis

Voel jij je wel eens een buitenbeentje? Of ergens niet thuis? Wietske herkent dat gevoel maar al te goed. Tegelijkertijd vraagt ze zich af; moeten we als christenen sowieso niet buitenbeentjes zijn? Ons hier niet thuis voelen? Want Jezus zegt toch 'Wees niet van de wereld...' Of bedoelde Hij dat anders? Wietske zocht het uit en ontdekte: zó ben je licht als buitenbeentje en voel je je overal thuis!

menora, kerst, licht

Hoe de menora ons dichterbij Kerst brengt

“Ik ben het Licht van de wereld”. We zijn zo bekend met deze uitspraak van Jezus. Het schetst een beeld waar we ons graag door laten verwarmen en verlichten! Maar waar komt deze uitdrukking eigenlijk vandaan? Als Wietske hoort dat de menora, de zevenarmige kandelaar, van de Joden, ook het licht van de wereld wordt genoemd, wekt dat haar interesse. Welke rijke geschiedenis schuilt hier toch achter?

onrecht, troost, wietske

Hoe Wietske woorden van troost vindt als onrecht de overhand heeft

Bij het zien van zoveel onrecht, pijn, en rouw om zich heen, wil Wietske troostende en bemoedigende woorden schrijven over ‘licht zijn in onrecht’. Ze kladt heel wat woorden neer, maar het blijven kladjes...
Ontdek hoe Wietske hierin toch een andere draai vindt. Het kromme wordt niet meteen recht, maar krijgt wel een andere vorm en kleur.

licht, enthousiasme,

Zo vond Wietske haar licht weer terug

Het is de eerste week na de zomervakantie en Wietske heeft al een poosje nergens zin in; sinds de laatste week van haar vakantie voelt ze zich wat lamlendig en gelaten. Is het de ellende in de wereld die via de tv haar weer onder ogen komt na een aantal tv-loze weken? Speelt het gemis aan zon en warmte in deze niet zo zomerse zomer een rol? Het zou toch een ‘summer of love’ worden… Lees hoe Wietske door een ‘toevallig’ moment mocht ervaren Wie er enthousiasme geeft.

zon, licht, lume, vrouw, wacht

Staat jouw leven stil? Zo kun je toch licht blijven zien!

`Wacht op de HEER, wees dapper en vastberaden, ja, wacht op de HEER’ (Psalm 27:14) is het vers dat een paar jaar geleden troostrijk was voor Wietske in een tijd waarin haar leven leek stil te staan. Wachten op de Heer, het gebeurt op Zijn Tijd… maar wat vraagt dit van je? En wat doet dit met je als álles Gods tijd is en jij zoekend bent naar hoe jij past in die tijd? Ga je aan de slag of wacht je op wat God jou hierin wil laten zien? Wietse zocht antwoorden en vond deze bij de rondzwervende aartsvaders; over geduld hebben en houden en licht zien als het donker is.

vrouw, licht, lume, geel, geheim

Dit leerde ik over getuigen van de geheime volgelingen van Jezus

“Waar ben jij trouw aan?” Deze vraag beantwoordt Wietske regelmatig in haar werk als loopbaanbegeleider van mbo-studenten. Elke keer wanneer ze start met een nieuwe oriëntatiegroep komt deze voorbij in de kennismakingsopdracht. En elke keer vraagt ze zichzelf af: stel ik mij meteen open op? Geef ik het geijkte antwoord ‘familie en vrienden’ of noem ik ook mijn geloof? Wanneer ze dit doet, levert het altijd reacties op en ja… vaak ook lastige vragen of opmerkingen. Wat leert Wietske van Jezus’ geheime volgelingen en tegenstanders over hoe ze hiermee kan omgaan?

lume, geel, voruw, vanzelfsprekend, kind, geloofsopvoeding, geloven

Als geloven niet meer vanzelfsprekend is…

Wanneer Wietskes dochter enthousiast thuiskomt uit school met een opdracht over een familiestamboom, maakt dat meer los bij haar dan ze verwacht. Vanzelfsprekend lukt het haar dochter niet om alle vakjes in te vullen, maar ook Wietske en haar ouders weten niet meer alles. Het doet Wietske beseffen hoe vluchtig het leven eigenlijk is; om wie en wat draait het eigenlijk? Ze herinnert zich een wijze les van een oudtante. Hoe kan ze deze les uitleven en ook nog overdragen? Vooral in situaties waar het geloof geen vanzelfsprekendheid is, waardoor de verantwoordelijkheid van het doorgeven van het geloof een gevoel van 'druk' geeft?