Het is de eerste week na de zomervakantie en Wietske heeft al een poosje weinig enthousiasme. Het zou toch een ‘summer of love’ worden…

Lauwe zomer, lauw geloof?

In het begin van de zomer keek ik uit naar een zomer in de hangmat van Zijn Hand (ik schreef er het gedicht ‘Pauzetijd’ over), om bij te komen en op te laden. Regelmatig heb ik bewust tijd besteed aan mijn geloofsleven, maar het leek allemaal wat te kabbelen, te gezapig. Af en toe veerde het op en ervoer ik even wat enthousiasme. Was het allemaal lauw, net als de zomer of lag mijn lat te hoog? Ik las toen teksten over volharding en ik dacht: wacht maar, het komt wel weer en het gaat niet altijd om het ‘voelen’.  

Liefhebben

Na mijn eerste werkweek veegde ik de laatste kruimels van het avondeten van tafel. Opeens werd ik mij bewust van een lied op Groot Nieuws Radio, dat zachtjes op de achtergrond speelt. “I love You, Lord”… akoestische muziek doordrenkt met warme, bezielde stemmen. Ik staak mijn drukte en ga zitten en luister… En op het eind zoek ik snel op de site welk lied gedraaid wordt. Het blijkt Psalm 116 te zijn in een uitvoering van Mision House.

I love You, Lord

’s Avonds luister ik het lied meerdere keren en ik lees de psalm in twee Bijbelvertalingen en in een Psalmendagboek ‘Alleen Bij U” van A.F. Troost. De woorden komen steeds dieper binnen: …

I love You, Lord… 

I love You, Lord  

For You have delivered  

My soul from death  

My feet from stumbling  

I will walk in the land of the living 

Klein meisje

Ik lees in het dagboek de oude berijming van de psalm en dat brengt mooie herinneringen naar boven. Als klein meisje leerde ik deze psalm en werd ik al getroost door de woorden en de melodie (Liedboek vers 1 en 4):

God heb ik lief, want die getrouwe Heer
nam, toen ik riep, met toegenegen oren
mijn woorden aan, 
Hij zal mij blijven horen
en levenslang ben ik niet eenzaam meer. 

O God, mijn God, 
die van de dood mij redt, 
mijn tranen afwist! 
Voor het oog des Heren 
mag ik weer vrij in ‘s levens land verkeren, 
geen steen die stoot waar ik mijn voeten zet. 

Oude woorden brengen nieuwe woorden

Het lamlendige gevoel dat de hele week als een soort sluipmoordenaar achter me aan kroop, verdampt door deze warmte. Ik kan er zelfs niet van slapen! De woorden en de klank houden me wakker. Mijn hoofd en hart raken gevuld. Het maakt dat ik nu, rond middernacht, mijn bed uitkruip, omdat ik deze blog móet schrijven en dichten (zie gedicht onderaan). De woorden uit de Psalm brengen woorden in mij naar binnen: ‘al verkrampt en versteend mijn hart, voor God is het slechts een kiezelsteentje…Op een onbewaakt moment schiet Hij het zo weg!’ 

Nieuw Licht en enthousiasme in comfortzone

‘Slechts’ een nieuw lied en eeuwenoude woorden zijn er nodig… Het lijkt maar een kruimeltje, achtergebleven op de etenstafel, maar betekent soms een wereld. Een wereld van verschil: van schemer naar licht. Ik hoef er dit keer niet eens voor uit mijn comfortzone te komen. De keukentafel was precies de plek waar ik toen moest zijn. 

Heb lief… voor een summer of love

Eén-en-dezelfde- psalm, twee liederen, twee melodieën, die me lieten weten: heb Mij gewoon lief! Lees het, zeg het, zing het, want Mijn Liefde staat altijd trouw naast je zijde.. want Ik heb jou eerst liefgehad (1 Joh 4:19). Al schrijvend, onder mijn fleecedekentje op de bank, krijg ik in het holst van deze winderige augustusnacht toch nog mijn portie ‘summer of Love’! 

Wandel zonder stenen 

Hoe zit het met jouw stenen? Breng ze aan het Licht! En berg je dan maar, want voor je het weet schieten er allemaal kiezelstenen langs! Gelukkig worden we behoedt voor struikelen en mogen we rustig, lovend wandelen. Oh, I love You, Lord… God heb ik lief… welke melodie zing jij? 

Hoe ga jij om met de stenen op je maag? Is het nodig om vertrouwend, volhardend te wachten in je comfortzone of kan het helpen er uit te stappen.. hoe lastig misschien ook… Laat je bemoedigen door dit gedicht, dat ik in dezelfde nacht schreef: 

Al lijkt mij hart van steen
voor U is het slechts een kiezelsteentje
Is het voor mij als een blok aan mijn been?
U schiet het genadeloos ver heen
Tot het oneindig ver uit het zicht verdwijnt
door slechts een moeiteloze haal van Uw Vinger
Die mij nu wijst op uw liefvolle Licht, dat steeds schijnt. 

Geen steen doet mij struikelen
want waar ik dan ook kijk
U heeft haar al in de diepste zee geworpen
Zo geeft U van bevrijding blijk
En kan ik wandelen in het land der levenden.