"Soms ben ik net als die hardleerse Farizeeërs... Ik kijk weg, ik zwijg, stotter en val stil of schiet in de verdediging..."

“Dit jaar luisterde ik in de stille week naar een podcast waarin het lijdensverhaal uit Johannes werd voorgelezen. Misschien juist doordat ik nu eens luisterde en niet zelf las, kwam het gedeelte over de rol van Jozef van Arimatea en Nikodemus extra bij me binnen (Johannes 19: 38-42). Als vooraanstaande Joden – Farizeeërs en leden van de Hoge Raad – zetten ze hun voorspoedige leventje op het spel door op het meest heftige moment te kiezen voor dat wat er werkelijk toe doet. Ze hadden heel wat te verliezen: hun baan, status, geld, macht, misschien zelfs hun veiligheid en hun leven. Toch vluchten ze niet weg, waren zich niet bewust van een drie keer kraaiende haan, maar ze bleven ook bij het doodgemartelde, goddelijke lichaam. Én ze vroegen bij Pilatus zelfs om dat lichaam!

Ruimte en waardigheid

Bij Zijn leven brachten Jozef en Nikodemus Hem waarschijnlijk weinig zichtbare eer, ze waren namelijk geheime volgelingen. Echter in Zijn sterven geven ze des te meer! Naast geloof bieden ze ruimte en waardigheid. Ruimte door een nieuw graf beschikbaar te stellen. Waardigheid door het gehavende Lichaam te balsemen met mirre en aloë. Zo brengen ze Hem volgens Joodse gewoonte de laatste eer. Óf bereiden ze Zijn lichaam voor op dat wat ze vermoeden dat gaat komen? Dat laatste kan best het geval zijn, want hun collega-Farizeeën vermoeden ook iets en gaan óók naar Pilatus en vragen om bewaking bij Jezus’ graf (zie Mat. 27: 62-65): “Excellentie, die bedrieger heeft eens gezegd: ‘Op de derde dag na mijn dood, Zal Ik weer levend worden. Daarom willen wij graag dat u het graf drie dagen laat bewaken.”

De Farizeeër in mij

Soms ben ik net als die hardleerse Farizeeërs en dan staan er wachters voor mijn mond die voorkomen dat ik mijn geloof benoem of luister naar lastige vragen of opmerkingen. Ik kijk weg, ik zwijg, stotter en val stil of schiet in de verdediging. Een gesprek komt niet van de grond. Dan kan het voelen alsof ik opnieuw de spijkers door Zijn wonden sla. Of dat ik me net zo gedraag zoals de Farizeeën eerder deden tijdens de prediking van Jezus: “En weer pakten zij stenen om Hem te stenigen” (Joh. 10: 31). Ze wilden hem stenigen omdat Hij God beledigde; echter door dit te doen beledigden zij juist God. Is dat ook wat mijn zwijgen doet: verloochen ik dan en gooi ik ook met stenen? Hoe vaak heb ik stenen opgepakt om de Hoeksteen te stenigen?

Uit het geheim stappen

Is het daarmee uit, over en klaar en kom ik niet verder? Nee, dan zou de kruisiging voor niets zijn geweest, want daardoor is er altijd genade! Dat is geen goedkoop praatje… het is duurbetaald door de mensgeworden God. Daarmee mag ik met mildere ogen naar mezelf – mezelf als mens – kijken, kijk jij ook? Zie dan naar wat die andere twee Farizeeën deden. Jozef en Nikodemus stapten uit hun geheim, uit hun zwijgen. Volgens mij is dit voor hen het moment dat ze van binnen opnieuw werden geboren. Ik denk dat Nikodemus daar echt antwoord kreeg op zijn vragen over opnieuw geboren worden, die hij eerder in het geheim van de nacht aan Jezus stelde (Joh. 3: 1-20).

geel, pijl, geheim, lume

"Welke keuze maak ik door te zwijgen...?"

Respectvol

Ook wij mogen uit ons zwijgen stappen. Hier leer ik van Jozef om ruimte te maken in (kennismakings)gesprekken: eerst te luisteren, te vragen en te begrijpen wat de ander vraagt of bedoeld en dan pas zelf reageren. Van Nikodemus leer ik waardigheid: voorzichtig en respectvol met de ander om te gaan vanuit het idee: ik ben oké en jij bent oké. Jezelf niet boven de ander verheffen of onder de ander stellen.

Gij geheel anders?

Allebei zijn we immers goed, gemaakt zoals we bedoeld zijn. En dat brengt mij ook bij één van die lastige vragen: Ben ik als christen een beter mens dan de ander die dat niet is? Een beruchte (misschien niet helemaal juist vertaalde) Bijbeltekst die hierbij vaak wordt aangehaald is: “Gij geheel anders, gij hebt Christus leren kennen (Ef. 4: 20, NBG 1951)”. Vaak ben ik niet zo geheel anders dan die ander (niet-christen) en ben ik zelfs een minder liefdevol, gastvrij of nederig persoon. Regelmatig schommel ik tussen Farizeeër en volgeling, want ik doe zo vaak gewoon mijn eigen wil en wet. We hebben allemaal even hard genade nodig.

Leer de kracht van Christus kennen

Een andere vertaling van dezelfde Bijbeltekst uit Efeze, die dichterbij de oorspronkelijk grondtekst schijnt te liggen, is: “Zo heeft u Christus niet leren kennen” (Ef. 4: 20, Het Boek). Dat geeft mij meer perspectief: door het steeds beter leren kennen van Hem, mag ik levenslang blijven groeien. Ook in het (durven) getuigen en reageren op lastige vragen. Dat groeien als persoon is voor niemand eenvoudig weet ik uit eigen ervaring en dat zie ik bij mijn oriënterende studenten. Geen enkel mens doet dit zonder groeipijn: die “oude kleren” (vers 22-24) waar je zo aan gehecht bent, trek je niet zomaar uit. Beetje bij beetje leg je de laag oude, krap geworden kledingstukken af.

Geen smoezelig doekje

Het verschil voor een christen is, dat we dit niet op eigen kracht hoeven te doen en niet hoeven zoeken naar een rolmodel. Dát wens ik mijn zoekende studenten en niet-christenen ook zó toe!* Dat zij én wij kracht krijgen van het Rolmodel dat krachtig van Zichzelf getuigt: Geloof toch dat Ik in de Vader ben en dat de Vader in Mij is. De dingen die Ik doe zijn het bewijs daarvan (Joh. 14:11) en “Zonder Mij kunt u niets doen” (Joh. 15: 5b). Kijk naar alles wat Jezus deed bij leven, sterven en opstanding en wat hij deed (of wil doen) in jouw leven. Hij geeft Kracht naar kruis. Zelfs -of juist – wanneer je je krachteloos voelt. Dit alles is geen smoezelig doekje voor het bloeden of een slap pleistertje op de wond, maar dat is de sterkst geurende Balsem voor de ziel!

Loskomen

Wat wil jij nog leren in het ruimte en waardigheid geven aan de ander en in het loskomen van je eigen wetten en wil?

*Een indrukwekkend lied dat weergeeft hoe ik dit voel en wat ik wens is: A place called earth van Jon Foreman en Lauren Daigle