“Wij hebben gehoord dat God bij uw volk is. Daarom willen we met u meegaan.” (Zacharia 8:23)

De tekst waarover het gaat, staat in Zacharia 8: “In die tijd zal het gebeuren dat er tien vreemdelingen naar een Joodse man toe komen. Ze spreken verschillende talen, maar zullen allemaal zeggen: “Wij hebben gehoord dat God bij uw volk is. Daarom willen we met u meegaan”. In een tijd waarin ik veel nadenk over hoe ik mijn geloof kan delen, raakt dit beeld me. Wanneer vroeg iemand mij voor het laatst ‘Mag ik met je mee? Ik wil bij jou en jouw God horen’. Eerlijk gezegd is me dat nog nooit overkomen.  Laat staat dat tien mensen tegelijkertijd dat tegen mij zeiden…

“Wanneer vroeg iemand mij voor het laatst ‘Mag ik met je mee?”

Het vers is de afsluiting van een hoofdstuk waarin God een blik in Zijn toekomst geeft. Een toekomst waarin Hij weer op aarde woont, waar het leven goed is voor Zijn volk én een toekomst waarin alle volken geloven in Hem. Hoe dan? Denk ik er gelijk achteraan. Ik blijk niet de enige, in vers 6 lees ik: “Jullie zijn nog maar met weinig mensen. Daarom denken jullie nu dat zo’n wonder niet mogelijk is….” Dat is precies wat ik voel. Toen vorig jaar het CBS-onderzoek uitkwam over geloven in Nederland, kreeg ik gewoon buikpijn van de uitkomsten. Het aantal gelovigen in Nederland holt achteruit, dat gaat mij aan mijn hart. Het roept een intens verlangen op om mijn geloof te delen, maar anderzijds voel ik me verlamd: Hoe God? En waar moet ik beginnen?

“Durf ik daar op te vertrouwen?”

Nou niet bij mijn eigen onmogelijkheden leert dit hoofdstuk mij, want vers 6 gaat verder: “Maar ik ben de machtige Heer, voor mij is alles mogelijk!” Durf ik daar op te vertrouwen? Of wint de stem het in mij die zegt; ‘Dit is onmogelijk!’. Het volk in de tijd van Zacharia 8 had die vragen ook. Super gemotiveerd waren ze begonnen aan hun taak, de restauratie van de tempel. Maar vanzelf liep het allemaal niet. Ze werden tegengewerkt, kenden veel tegenslagen. De restauratie lag stil. En dat zorgde ervoor dat veel mensen gedemotiveerd raakte (hoe herkenbaar voor een evangelisatieproject in mijn stad waar ik ooit vol enthousiasme instapte… en volop gedesillusioneerd weer uitstapte…) En dan, 20 jaar later is de tempel toch klaar. Maar de joden hebben er geen vertrouwen meer in. Ze zijn maar met weinig overgebleven en hebben nog maar weinig macht en invloed.

Praktisch

‘Hoe dan, God?’ hebben zij zich misschien ook wel afgevraagd: ‘Hoe dan God, moet dit de plek worden waarover in Uw toekomstbeeld vertelt?” God herinnert hen aan zijn geweldige trouw (vers 7 en 8) en geeft hen een geweldige bemoediging: “Jullie worden door andere volken ongelukkig genoemd… Maar nu zal ik jullie helpen. Ik zal zorgen dat die andere volken jullie gelukkig haan noemen. Verlies de moed niet. Houd vol.” (vers 13).  En Gods antwoord is praktisch. Hij geeft het volk een aantal praktische leefregels mee: “Wees eerlijk tegen elkaar en spreek eerlijk recht, zodat er vrede tussen jullie is. Maak geen plannen om de ander kwaad te doen. En lieg niet als je voor de rechter staat.” Van het leven dat God schetst gaat aantrekkingskracht uit! “Wij hebben gehoord dat God bij uw volk is. Daarom willen we met u meegaan.” (vers 23).

Buikpijn

Hebben we daarin niet nog een slag te winnen? De eerste christelijke gemeenten stonden hoog in aanzien bij hun omgeving (Handelingen 1) en nu… 2000 jaar is de kerk het minst vertrouwde instituut in Nederland (Bron: CPB-onderzoek)! Maar ik ben optimistisch ingesteld. En nog belangrijker: God beloofde mij dat Hij me wil helpen. Als we één voor één Gods licht en liefde reflecteren, dan staat de wereld straks in vuur en vlam!

Hoe kun jij daar deze week mee aan de slag gaan?